DE ANTWERPSE TOONKUNSTENAARSVERENIGING

in de jaren 20

 

 
 

 

 

Wie waren de leden ?

Historiek

Bestuur in de jaren 20

 

Johan Zwijsen was sinds de jaren 20 lid van de Antwerpse belangenvereniging voor muzikanten, de Toonkunstenaarsvereniging van Antwerpen. We zien hem actiever worden in 1926, wanneer hij enkele stukken schenkt aan de muziekbibliotheek die de vereniging is beginnen uitbouwen. Hij werkt dan ook mee als bijzitter en stemopnemer bij de belangrijke bestuursverkiezingen van januari 1926 (zie verder). In mei 1926 nodigt het bestuur hem uit voor de bespreking van een conflict dat is ontstaan tussen het orkest van de cinema Odeon en de heer Van Zundert. In november 1926 werd hij ook zelf verkozen tot bestuurslid. Met Karel van Tolhuyzen wordt hij er belast met de controle van de bijdrage- en afdrachtkaarten. Behalve voorzitter en componist Flor Bosmans, zaten toen onder meer ook de orkestleiders Flor Pierré, Jan Celis en Lode Van de Velde en de componisten Jos Van der Avort en Jules Falck in het bestuur.

Over kamermuziek, modernisme, de uitvoering van den 20sten november l.l. en nog wat !
Onder die titel schreef Johan Zwijsen in het tijdschrift 'De Toonkunstenaar' een aantal bedenkingen neer, naar aanleiding van het kamermuziekconcert op 20 november 1927. Een strijkkwartet met Hugo Lenaerts (viool), Stef Strijmans (viool), August Baeyens (alto) en Antoon Horemans (cello) voerde er werken uit van Joaquin Turina, Gian Francesco Malipiero, en Darius Milhoud, die op de uitvoering zelf aanwezig was. Zwijsen, zelf zeker geen modernist, roept de muzikanten op om te trachten het modernisme in de muziek te begrijpen en hoopt dat dergelijke initiatieven in de toekomst op meer belangstelling zouden mogen rekenen. In felle bewoordingen roept hij de muzikanten op tot meer syndicale solidariteit.

Orkestbewerking van de liederen van Flor Bosmans.
In februari 1928 organiseerde de vereniging ter ere van haar voorzitter Flor Bosmans een feestzitting die werd opgeluisterd met een orkestbewerking van Zwijsen op de liederen van Bosmans. Op zondag 13 april 1930 werd Flor Bosmans opnieuw gevierd, toen als definitief aftredend voorzitter "na 10 jaren onafgebroken ambtsvervulling”. Bij die gelegenheid dirigeerde Zwijsen in de Koninklijke Vlaamse Opera het orkest dat het huldebetoon opende met zijn compositie : Doorheen de werken van Flor Bosmans. Daarna trad het snaarkwartet van het kamermuziekgezelschap van Antwerpen op met Hugo Lenaerts en Stef. Strijmans (viool), August L. Baeyens (alto) en Ant. Horemans (cello). H. Claessens aan het klavier speelde met Edmond De Herdt en Theo Van Doren (viool), Napoleon Distelmans (alto), H. Ceulemans (cello) en G. Dijckhoff (klavier), het klavierkwintet van Dvorak. Jos Sterkens, tenor en de sopranen Fernande Hougaerts en Juffrouw Briffaux van de K.V.O. vervolledigden het huldebetoon.

 

 
 

Wie waren de leden ?

De Antwerpse toonkunstenaarsvereniging telde kort na haar oprichting reeds meer dan 650 leden in 1900. In de jaren 20 gaat het al om meer dan 1000 leden. Voor gans België schat men het totale aantal beroepsmusici in 1922 op 8000. De Belgische bond telde 7894 aangeslotenen in 1926, 8100 in 1927 en 7903 in 1928.

De tarievenlijst uit het jaarverslag van 1924 geeft een goed overzicht van de terreinen waarop de Antwerpse musici werkzaam waren : de Opera's; de Koninklijke Maatschappij van Dierkunde; de maatschappij der Nieuwe Concerten; grote orkesten zonder verbintenis; concerten met beperkt orkest en prijsuitdelingen; operettes en revues; stadsschouwburgen; Hippodroom; kinema's 1e en 2e categorie; brasseries; bars; bals in publieke danszalen; banketten en soirees; bals voor volksmaatschappijen; vertoningen en concerten voor volksmaatschappijen; vertoningen en concerten gevolgd van bal; danspartijen na vertoning of concert; jazzband; dancings; Sport Hippique Royal; plezierreizen te water of andere; uitstappen, stoeten, serenades, processies, begrafenissen, kruisplantingen, enz..; lyrische drama's; gesproken toneel; koersen; circus; kerkdiensten.

In december 1926 waren er 777 vaste betrekkingen in een of ander orkest :

  • 296 orkestleden werkten in een van de 47 cinema's; de statistiek in januari 1926 telt 324 orkestleden in 51 cinema's.
  • 93 in een van de 13 dancings;
  • 45 in een van de 10 brasseries;
  • 27 in een van de 7 bars;
  • 147 in een van de 4 schouwburgen, met name de Hippodroom (19), de Franse Opera (52), de Vlaamse Opera (62) en de Prado (14);
  • 18 op een van de 4 boten van de Red Star Line;
  • en 151 in de symfonische orkesten van de Dierentuin (71) en de Nieuwe Concerten (80).
 
 

Historiek

Een jaar zonder Opera

Een eigen lokaal

Een jubeljaar

Collectief ontslag

Een nieuw lokaal

Spektakelverbond

 

Historiek

In 1874 werd in Antwerpen een Maatschappij van Onderlinge Bijstand opgericht, ‘Antwerpen’s Muzikale Kring’. In 1879 werd ze bij Koninklijk Besluit erkend en in 1882 veranderde deze mutualiteit haar naam in ‘Toonkunstenaarsbond van Antwerpen’. Toen men in 1899 ook een ‘Syndicale Kamer der Toonkunstenaars van Antwerpen’ oprichtte werd besloten om het ziekenfonds en de vakbond samen onder te brengen in de ‘Toonkunstenaarsvereniging van Antwerpen’. Deze vereniging, in oktober 1899 opgericht onder impuls van Karel Boeyen en Cesar Garitte, zou zich toeleggen op het verdedigen van de beroepsbelangen van de Antwerpse muzikanten. In 1919 startte de Syndicale Kamer met het uitgeven van het tijdschrift 'De Toonkunstenaar'. In 1920 ging dit even op in 'Hand in hand', het tijdschrift van de 'Vlaamsche Tooneelkunstenaars van Antwerpen', maar in 1921 besloten beide syndicaten terug elk hun eigen blad uit te geven. Vanaf augustus 1921 werd dit tijdschrift het 'Orgaan der Toonkunstenaarsvereeniging van Antwerpen'. De vereniging werd in augustus 1921 erkend als een wettelijke beroepsvereniging. Ze overkoepelde dan vier onderafdelingen : een ziekenkas (voorzitter is Napoleon Distelmans), een pensioenkas, een werklozenkas en een weerstandskas (voorzitter van de laatste twee afdelingen is Schapping). De uitbreiding van de activiteiten maakte het aanwerven van een bediende noodzakelijk.

Een jaar zonder Opera
Na de eerste wereldoorlog groeide de vraag naar muzikanten, voornamelijk voor het amusementsbedrijf zoals de cafés, cinema's en dancings, en zo groeide ook de invloed van de vereniging. Er werd een weerstandskas opgericht om bij syndicale conflicten de getroffen muzikanten financieel te ondersteunen. Er konden nieuwe tarieven afgesproken worden onder meer voor de muzikanten in de cinema's. De vereniging stelde ook nieuwe looneisen voor de muzikanten van de Vlaamse en Franse Opera maar de respectievelijke bestuurders Henry Fontaine en Adolphe Coryn, noch het Antwerpse stadsbestuur konden erop ingaan. Het betekende dat in het seizoen 1920-1921 in Antwerpen de beide opera's gesloten waren. In oktober 1921 was het conflict voorbij en het syndicaat slaagde er in een verlenging van het seizoen, en dus van de contracten, tot acht maanden te bedingen. Bosmans zelf werd, samen met Renaat Veremans en Julius Schrey vanaf dat seizoen aangesteld als eerste dirigent van de pas 'Koninklijk' geworden Vlaamse Opera. Het afschaffen van de orkesten in de Koninklijke Nederlandse Schouwburg en in de Volksschouwburg had het syndicaat evenwel niet kunnen verhinderen.

Een eigen lokaal
De burelen van de vereniging waren toen nog gelegen in de Leopoldplaats nr 2. Maar men keek uit naar een eigen lokaal dat niet enkel zou dienen voor de uitbreiding van de burelen, maar ook als concertgebouw met ruimte voor vergaderingen, repetities en uitvoeringen, en als een soort club met lees-, rook-, speel- en studiekamers, een bibliotheek, een buffet, maar vooral als werkbeurs. Om hiervoor de middelen te vinden richtte men in 1922 de Samenwerkende Vennootschap Syndicale Kamer der Toonkunstenaars van Antwerpen op. Ieder lid van de vereniging kon op vrijwillige basis aandeelhouder worden van deze coöperatieve. Bosmans werd ook hier voorzitter. Het lokaal 'De Oude St-Jan' in de Gemeentestraat werd aangekocht maar voldeed niet. Eind 1923 koopt de vereniging de vroegere Eldorado aan de Van Wesenbekestraat 10. Op zaterdag 15 maart 1924 werd het nieuwe lokaal, 'Centraal Schouwburg' geheten, ingehuldigd met een concert en cabaretavond.

Een jubeljaar
Ter gelegenheid van het 25-jarig bestaan van de vereniging en het 50-jarig bestaan van de mutualiteit 'De Toonkunstenaarsbond', werd op zondag 21 december 1924 in de feestzaal van de Koninklijke Maatschappij van Dierkunde een Jubileumconcert georganiseerd met een orkest van 300 uitvoerders. Als dirigenten traden op : Frans Van Havenberghe, Jules Deveux, Lode De Vocht, Constant Lenaerts, Flor Alpaerts en Julius J.B. Schreij. Een landelijke wedstrijd voor kamermuziekuitvoeringen werd op het getouw gezet waaraan 28 groepen deelnamen. De eerste prijs werd weggekaapt door het sextet Chefnay van Brussel met de uitvoering van een rapsodie van Jongen. Op 19 februari organiseerde de vereniging een Bachwedstrijd waaraan 17 individuele instrumentisten deelnamen. De eerste prijs werd gewonnen door de violist Edward Steylaerts. Het slotconcert had tenslotte plaats op vrijdag 10 april in het 'Theâtre Royal' onder leiding van Flor Bosmans.

Collectief ontslag van het bestuur
In oktober 1925 beslisten 13 van de 15 bestuursleden ontslag te nemen. Aanleiding was een geschil binnen het bestuur over het hanteren en toepassen van de zogenaamde 'index'. Verschillende zalen en uitbaters stonden op die index, onder meer omdat ze gebruikmaakten van ongesyndiceerde muzikanten waarmee ze zich niet aan de afgesproken tarieven hielden. Zo had de 'Scala' al in 1922, na een weigering om loonopslag te geven, de ontslagnemende orkestleden vervangen door niet-gesyndiceerde muzikanten. Toen Dhr. Philippart, eigenaar van de Scala, met de nieuwe uitbating 'Le Châtelet' begon, kwam deze zaal tegen de zin van bestuurslid Sengier ook op de index. Uiteindelijk werden beide zaken ontkoppeld, maar binnen het bestuur was wel een grote bres geslagen. Bestuurslid Jos Sengier werd beschuldigd van oncollegiaal gedrag en voorzitter Bosmans en de meeste andere bestuursleden drongen aan op een vertrouwensstemming. Die zou er aankomen in januari 1926. Zeven bestuursleden onder wie Flor Bosmans stelden zich opnieuw kandidaat en werden met een overtuigende meerderheid in hun bestuursfunctie bevestigd.

Een nieuw lokaal
In december 1927 verhuisde de Toonkunstenaarsvereniging naar haar nieuwe eigendom aan het Statieplein 2-3. Dit was gelegen aan de achterzijde van hun vroegere zetel. Daar was de brasserie "Artes" gelegen, die nu eigendom werd van de Syndikale Kamer. De jonge violist Theo Van Doren werd er de leider van het orkest dat hij samen vormde met Karel Van Tolhuyzen, cellist, Jan Celis, pianist en G.Coenen, ripieno. Naar het schijnt klonken daar als meest populaire nummers de 'Canari' van Poliakin voor viool, de 'Chant Hindou' van Korsakow voor cello en de 'Rapsodie' van Liszt voor piano.

Spektakelverbond
In februari 1931 richtte de vakbond der Toonkunstenaars mee het spektakelverbond op, samen met de vakbonden van de toneelkunstenaars; de lyrische kunstenaars; de variétéartisten; de machinisten, electriciens, operateurs, bobineurs; de koren, figuranten en danseressen; het andere personeel van de cinema's en schouwburgen. Elke vakbond behoudt zijn afzonderlijk bestsuur maar is vertegenwoordigd in de centrale raad van het Spektakelverbond.

 

 


Bestuursleden in de jaren 20

feb 1920 - feb 1921 mrt 1921 - feb 1922 mrt 1922 - feb 1923

Flor Bosmans,voorzitter
Lode van de Velde, v/a mei 1920, ondervoorzitter
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :

  • Karel Candael, bijz. raadslid
  • De Belser t/m aug 1920
  • Alfons De Vestele t/m mrt 1920
  • Flor De Winter
  • H. Everaerts t/m sep 1920
  • Cesar Garitte t/m mrt 1920
  • F. Grimbers t/m jul 1920
  • Karel Huybrechts
  • Reul t/m mrt 1920
  • Alfons Schrey
  • Van Campo t/m apr 1920
  • A. Van den Broeck

Nieuwe raadsleden :

  • Jos Van der Avort v/a mei 1920
  • R. Casteleyn v/a sep 1920
  • Schapping v/a sep 1920

Flor Bosmans,voorzitter
Lode van de Velde, ondervoorzitter
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :

  • Hip. Arren
  • August Baeyens
  • R. Casteleyn
  • Karel Candael
  • J. Coryn
  • Armand De Busschere
  • Flor De Winter
  • Karel Huybrechts
  • Jos Mevensen
  • Schapping
  • Frans Thomas
  • Jos Van der Avort
Flor Bosmans,voorzitter
Lode van de Velde, ondervoorzitter, t/m mei 1922
Napoleon Distelmans, ondervoorzitter, v/a juli 1922
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :
  • August Baeyens
  • H. Claessens
  • Armand De Busschere
  • Den Boer
  • Flor De Winter
  • Karel Huybrechts
  • Jos Mevensen
  • Schapping
  • Frans Thomas
  • Jos Van der Avort

Nieuwe raadsleden :

  • Alfons Schrey v/a jul 1922
  • Jos Sengier v/a okt 1922
mrt 1923 - feb 1924 mrt 1924 - mrt 1925 apr 1925 - jan 1926

Flor Bosmans,voorzitter
Napoleon Distelmans, ondervoorzitte
r
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :

  • August Baeyens
  • H. Claessens
  • Armand De Busschere
  • F. Denboer
  • Flor De Winter
  • Karel Huybrechts
  • Jos Mevensen
  • Schapping
  • Alfons Schrey
  • Jos Sengier
  • Frans Thomas
  • Jos Van der Avort
Flor Bosmans,voorzitter
Distelmans, ondervoorzitter
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :
  • Baeyens
  • Claessens
  • Armand De Busschere
  • Den Boer
  • Flor De Winter
  • Karel Huybrechts
  • Jos Mevensen
  • Schapping
  • Alfons Schrey
  • Jos Sengier
  • Frans Thomas
  • Jos Van der Avort

Flor Bosmans, voorzitter
Distelmans, ondervoorzitter
H. Vandenbussche, alg. schrijver

Raadsleden :

  • A. Baeyens
  • Jan Celis
  • Claessens
  • Armand De Busschere
  • Flor De Winter
  • Karel Huybrechts
  • Flor Pierré
  • Alfons Schrey
  • Jos Sengier
  • Frans Thomas
  • Jos Van der Avort
  • Lod. Vandevelde
jan 1926 - dec 1926 jan 1927 - mrt 1928 Apr 1928 -  feb 1929

Flor Bosmans,voorzitter
H. Vandenbussche, alg.schrijver

Raadsleden :

  • Jan Celis
  • Armand De Busschere
  • Karel Huybrechts
  • Flor Pierré
  • Alf. Schrey t/m jan 1926
  • Jos Sengier
  • Jos Van der Avort
Flor Bosmans,voorzitter
H. Vandenbussche, alg.schrijver
t/m feb 1928

Raadsleden :

  • J. Bode t/m mrt 1928
  • H. Bogaerts t/m feb 1928
  • Jan Celis
  • Armand De Busschere t/m jul 1927
  • J. Falck
  • Karel Huybrechts
  • J. Noté
  • M. Peetermans t/m apr 1928
  • Flor Pierré
  • J. Van De Meerssche
  • Jos Van der Avort
  • J. Van De Velde
  • L. Van De Velde
  • K. Van Tolhuyzen
  • A. Zwijsen
Flor Bosmans, voorzitter

 Raadsleden :

  • J. Celis
  • N. Distelmans
  • J. Falck
  • K. Huybrechts
  • J. Noté
  • F. Pierré t/m aug 1928
  • J.. Sterkens
  • J. Van der Avort
  • J. Van der Merscche
  • L. Van de Velde
  • L. Vets
  • K. Van Tolhuyzen
  • J.A. Zwijsen

 

mrt 1929 - feb 1930

   
Flor Bosmans, voorzitter
Lode Vets, ondervoorzitter

Raadsleden :
   
  • Jan Celis
  • Nap. Distelmans
  • Jules Falck
  • Karel Huybrechts, toezichter
  • Ant. Noté
  • Jos Sterkens
  • Jos Van der Avort
  • Jules Van der Merssche
  • Lode Van de Velde
  • Karel Van Tolhuyzen t/m mei
  • J. Ant. Zwysen

Nieuwe raadsleden vanaf augustus 1929 :

   
  • Léonce Gras
  • Niklaas Lahaye
  • Pol Sieuw
  • Jan Van de Velde
   

 
 

 

 

© Erik Zwysen, 11 juni 2010
laatste aanpassing 05 augustus 2017